Pitch-tip 7 in de reeks van 10! Dit keer vertelt WerkBaAr hoe je jouw pitch zonder ballast naar de top lift. Vermijd clichés en vaktaal. Raas lekker licht en luchtig de hoogte in!

Pitch1.7. Je hebt je toehoorder in de kijker, de roos in het vizier. Nu moet je boodschap vlot bij hem geraken. Blijf uit de wind van clichés die je verhaal wollig en afgezaagd maken. Hang ook niet de blaaskaak uit door je toehoorder met vaktaal omver te blazen.

1. Mijd clichés en buzzwoorden

Clichés zijn versleten woordcombinaties, afgezaagde uitdrukkingen. Ooit origineel en krachtig, maar intussen uitgegroeid tot standaardbeschrijvingen. Zo vaak gebruikt dat ze hol zijn geworden en als blablabla klinken. Vermijd ze in je pitch – ook al lijken ze misschien de ideale vluchtroute als je met je mond vol tanden staat.

Pitch1.7. Idem dito voor buzzwoorden: modewoorden zonder heldere betekenis. Blablabla… Bewust vaag gehouden, zodat je er nog alle kanten mee uit kan. Soms is die vaagheid goed, maar niet in een pitch. Je pitcht met focus – weet je nog. Wees origineel.

1) Betrap jezelf op banaal “gebuzz”

Clichés en buzzwoorden uit je register schrappen, is nog niet evident. Wie noemde zich nooit ‘dynamische teamspeler’?

En ja, ‘t is waar, ook wij van WerkBaAr buzzen wat vaag wanneer we onze gasten als ‘talentvolle ondernemers’ omschrijven – JIJ weet natuurlijk dat JIJ in WerkBaAr welkom bent :-)

Betrap jezelf op de volgende buzzy eigenschappen (uit de LinkedIn toplijst van 2017): Pitch1.7.

2) Kom persoonlijk uit de hoek: concretiseer!

“Origineel zijn” begint bij… “origineel zijn”! Be original: wees jezelf, benadruk je persoonlijkheid. Maak je pitch niet onnodig wollig. Puur je boodschap uit. Spreek vanuit je beleving en deel zoveel mogelijk relevante en concrete voorbeelden. Benadruk je eigenheid, bevestig je meerwaarde. Overtuig je toehoorder van de kwaliteiten waarmee je je beschrijft. Hij moet met een helder beeld achterblijven van wie je bent, wat jij doet en kan en waarom JIJ precies belangrijk bent voor hem.

Pitch1.7. De eigenschappen ‘creatief’ en ‘innovatief’ bijvoorbeeld zijn ironisch genoeg niet origineel. Vermeld liever een creatief toppunt uit je carrière of pitch op een unieke wijze.

Iets gelijkaardigs geldt voor ‘communicatief’. Onmisbaar in de netwerkwereld van vandaag; dat klopt. Maar, waarom vermelden? Tijdens je pitch beoordeelt je toehoorder zelf wel hoe je op de communicatieve ladder scoort.

‘Expert’ of ‘resultaatgericht’, nog zo’n subjectieve schermwoorden… hoor je ‘t buzzen? Klinkt chique, maar zegt niets en doet je misschien blasé overkomen. Benoem je vaardigheden en verwezenlijkingen concreet. Deel resultaten en projecten, geef referenties. Toon je aan ervaring met specifieke voorbeelden (en eventueel visueel, zoals met foto’s of grafieken). Stoef gerust wat, maar maak je claims geloofwaardig.

Kortom. Vertel geen blablabla. Wees uniek en apart!

2. Vaktaal doet je solo staan!

Pitch1.7. Apart, maar niet té! Houd het simpel. Hang niet de expert uit. Pitch begrijpelijk. Vermijd vaktaal. Anders riskeer je dat je toehoorder niet volgt of niet meer luistert. Vaktermen maken je pitch nodeloos zwaar en complex. Ze hebben bovendien een distantiërend effect.

1) Blijf dicht bij je toehoorder. Pitch begrijpelijk.

Pitch je voor een gemengde groep, dan werkt vakkennis verlammend. Kans bestaat dat je denkstappen overslaat en de aandacht van de groep verliest. Laat je vakkennis los en kruip in de huid van je toehoorder.

WerkBaAr geeft je enkele tips:

1. Stel je pitch af op een ijkpersoon, een gemiddelde toehoorder in de concrete context waarin je pitcht (ook al bestaat die niet!). Stem je pitch, je uitleg en taal af op zijn kennis, ervaring, zijn interesses en achtergrond. Eén nuance: je pitcht gefocust. Is je doel helder en weet je wie je precies moet toespreken om dat doel te bereiken, spits je pitch dan af op die persoon. Pak het strategisch aan en schiet raak, weet je nog?

Pitch1.7. 2. Stel jezelf continu in vraag. Toets de begrijpelijkheid van je pitch. Wat zeg je juist? Komt je boodschap duidelijk over? Is je verhaal logisch en coherent? Woorden die om extra uitleg vragen? Kan een leek vlot volgen of gebruik je vaktermen? Wees gerust, een begrijpelijk verhaal doet je nog niet vervallen in jip-en-janneketaal.

3. Gebruik veelvuldig verhelderende voorbeelden! Je weet al dat ze je pitch tastbaar maken en je behoeden voor een vage en inhoudloze pitch (hoe buzzy die ook klinkt). Concrete voorbeelden toveren complexe boodschappen ook om in hapklare taal.

4. Verlaat je kantoor en het erbij passend taaltje en trek rechtstreeks richting bar. Laat dat sparren [1] vallen, vergeet die deadline, die meeting en de scrum & agile aanpak [2], zet de implementatie [3] van processen uit je hoofd en nodig jouw toehoorder niet uit om de dialoog te continuerentenzij je zijn tenen wil doen krommen. Pitch zonder gevleugelde termen, houd het luchtig en voeg er eventueel een anekdote of vleugje humor aan toe. WerkBaAr reserveert een plek voor jouw story ;-)

2) Die enkele keer dat je krak-zijn je pitch niet kraakt

Regel is dus dat je in je pitch niet met vaktermen goochelt of te veel de expert uithangt. Nu, zoals vele regels uitzonderingen kennen, kent die er ook. Ja, vaktermen kunnen ook nuttig zijn. WerkBaAr ziet 2 situaties waarin het OK is om je pitch met vaktaal te serveren.

  1. Je wil net dat je toehoorder jou niet (goed) begrijpt

Pitch1.7. Wil je elementen in je pitch verhullen of net positiever doen klinken, dan komt wat vaagheid goed uit. Makelaars bijvoorbeeld spreken liever van courtage dan van winst: de centjes wat onder tafel houden om ze vlotter te zien binnenrollen.

Vaktaal kan je toehoorder er ook van overtuigen dat jij dé expert bent en dat hij, als leek, bij jou moet zijn. Pas op, niet elke vis bijt. Een overdreven gevoel van eigenwaarde kan zich tegen je keren!


  1. Je toehoorder is een vakgenoot

Pitch1.7. Onder vakgenoten kan vaktaal geen kwaad. Je komt dan vaak net professioneler over en wordt sneller serieus genomen. Als jurist kan je jouw opbrengst bijvoorbeeld gerust ex aequo et bono [5] bepalen, maar enkel onder mede-juristen, … anders riskeer je alleen pro deo [6] opdrachten binnen te halen ;-)

Vaktermen, vaste uitdrukkingen, afkortingen of codewoorden kunnen de communicatie met vakgenoten bovendien efficiënter maken. Gebruikt je toehoorder ze zelf dagelijks, doe dan “gewoon” en gebruik jullie ingewikkeld taaltje. Waarom makkelijk doen als het moeilijk kan! - Copy write die leuze en verzeker je copyright! Je weet: WerkBaAr is in beide keukens thuis ;-)

Genoeg voor even. WerkBaAr houdt het levendig en jou bij de les. Hoe jij die levendigheid in je pitch steekt, lees je volgende keer. Tot dan!


Tekst: Aline@WerkBaAr


[1] Sparren is een activiteit. Het woord komt uit de vechtsport. In die context betekent het ‘het oefenen met een tegenstander’. In de managementcontext verwijst het naar het proces van ideeën uitwisselen met iemand uitwisselen.

[2] Scrum is niet zozeer een aanpak, wel een filosofie. Het is de filosofie van see-feel-change die het blauwdrukdenken verlaat en uitgaat van de idee ‘al doende, leert men’. Managers passen die idee toe op allerlei soorten veranderingen en projecten (www.managementsite.nl).

[3] Implementatie (van het Latijnse implére, ‘invullen’) is de invoering van een nieuw systeem, plan, idee, model, ontwerp, standaard of beleid in een organisatie (Wikipedia).

[4] Afsluitprovisie die een makelaar ontvangt bij de aan- of verkoop van een huis (Wikipedia).

[5] Uitdrukking uit het Latijn: toewijzing naar billijkheid, bv. wanneer er geen objectieve maatstaven zijn om het bedrag van een schadevergoeding te bepalen (www.juridischwoordenboek.be).

[6] Uitdrukking uit het Latijn: voor God, kosteloos. Pro deo advocaten behartigen juridische zaken kosteloos (www.juridischwoordenboek.be).